DE VERSCHILLENDE VORMEN VAN STEKKEN OP EEN RIJ

Laat ik beginnen met te melden dat stekken echt simpel is!

Daarnaast leer ik ook nog iedere dag van hoe je een plant zo goed mogelijk kunt stekken en verzorgen. Zo hou ik een blog bij met experimenten met verschillende planten en staat mijn huis vol stek-stations met verschillende stekken en bodems. Hieronder lees je de verschillende manieren van stekken en bij welke planten ze toepasbaar zijn. 

1: Stengelstekken (stekken door stengels te snijden):

Deze vorm van stekken is bij uitstek een goed manier voor planten die een duidelijke ’node’ hebben; een verdikking in de stengel die zich meestal direct onder het blad bevindt. De nieuwe groei zal uiteindelijk uit de node of de bladoksel tevoorschijn komen.

 

Voorbeelden van planten die je kunt stengelstekken zijn:

  • Monstera

  • Epipremnum

  • Philodendron

 

Stekken door stengels te snijden kan op 2 manieren:

- met blad (stek)

- zonder blad (Wetstick)

 

Stengelstekken met blad:

Snijd de stengel zodanig dat je een blad, een stukje stengel en een node hebt. 

Let op! Zorg dat je voor het snijden een schoon mesje gebruikt. Door een vies mes kan je stek eerder rotten of schimmelen. Laat de wonden van je stengel altijd even 'helen'. Soms betekent dat dat er een soort eeltkorstje op komt, bv bij een philodendron. Belangrijkste is dat de wonden droog zijn vóórdat je de stek verplaatst nar zijn stekvaas. 

Deze stengel met blad kun je in verschillende ondergronden laten wortelen.

Water is een veelgebruikte manier, die tijdens het voorjaar prima kan. Het enige nadeel is dat stekken in water kunnen rotten. Als je stengel eenmaal zwart wordt, is er bijna geen redden meer aan. Dus ben ik gaan onderzoeken wat de beste manier is.

Ik experimenteerde met een Monstera variegata en scheef er een blog over. 

Je kunt de blog ook later lezen, en verder lezen.

De snelste manier om een bladstek te laten wortelen is in Perliet. Heeft je stek een luchtwortel? Dan is het slim om onderin je stekbak/vaas een laagje SPOILSOIL te doen, en de luchtwortel voorzichtig in de vaas te stoppen, zodat hij naar beneden kan groeien en voeding kan halen uit die laag. 

 

Stengelstekken zonder blad (wetstick): 

Snijd de stengel zodanig dat je een stukje stengel en een (of meerdere) node hebt. 

Let op! Zorg dat je voor het snijden een schoon mesje gebruikt. Door een vies mes kan je stek eerder rotten of schimmelen. 

Stekken met wetsticks is iets van de laatste tijd. Planten die zicht het beste voor Wetsticks lenen zijn de planten met wat dikkere stengels, bv. Monstera en grote Philondendrons. Maar het gebeurt ook met kleinere stengels. Ik zou zeggen probeer het eens! 

Heeft je plant een luchtwortel van minimaal 5 cm, kun je stekken in Spoilsoil. Zorg dat de stengel horizontaal ligt en de aarde de 'wonden' niet raken. Komt de wond van je stengel toch onder te staan? Dan kun je beter stekken in Perliet. Perliet blijft luchtiger waardoor je stek minder snel gaat rotten. Stekken in Perliet is bij mij nog nooit misgegeaan. Het enige nadeel van Perliet is wel dat er geen voedingsstoffen inzitten waardoor je stek, zodra hij geworteld is, het beste zo snel mogelijk de aarde in moet.

stekken-in-spaghnum-mos.jpg

Een goede stengelstek heeft een blad, een node en -indien mogelijk- een luchtwortel.

image.png

De groei piept uit de bladoksel

2: Bladstekken (stekken met het blad van een plant)

Sommige planten zijn zó veerkrachtig dat ze zelfs uit een blad een hele nieuwe plant kunnen toveren.

 

Voorbeelden van planten die je kunt bladstekken zijn:

  • De meeste vetplanten

  • Begonia

  • Sanseveria

  • Zamioculcas

  • Oxalis triangularis

  • pepperomia (raindrop en watermelon)

  • let op!: het lukt niét met Pilea's

 

Snijd een blad van je plant. Zorg dat je het blad bij het afnemen zo compleet mogelijk van de plant komt, dus met zoveel mogelijk bladstengel.

Bij een Sanseveria kun je een blad opdelen in kleinere stukken.

Let op! Zorg dat je voor het snijden een schoon mesje gebruikt. Door een vies mes kan je stek eerder rotten of schimmelen. 

 

Bladstekken kan op 2 manieren:

  • Neem een blad met (zoveel mogelijk) stengel

  • Neem een deel van een blad (Geldt voor Sanseveria's en sommige begonia's)

 

Stekken van vetplantjes: 

Laat het blad na het afsnijden een kleine week drogen en leg het vervolgens in een potje met aarde. Graaf de wortels van het stekje een stukje onder de grond. Je moet het stekje vanaf nu elke 3 dagen besproeien met water. Na ongeveer 2 maanden is het stekje voldoende gegroeid om in een groter potje gezet te worden. Je hoeft hierna de nieuwe vetplant nog maar één keer per maand een scheutje water te geven.

 
 
_edited.jpg

De Oxalis triangularis bladstek vormt onderaan de stengel een nieuw knolletje. 

peperomia-watermelon-1200.jpg

Nieuwe stengel met blad aan de onderkant van een Pepperomia Watermelon.

3: Scheuren 

Sommige planten maken zelf nieuwe stengels met wortels aan. Door deze los te ‘scheuren’ van je plant en in verschillende potten te zetten heb je zo een hele verzameling nieuwe planten.

 

Voorbeelden van planten die goed te scheuren zijn:

  • Calathea

  • Zamioculcas 

 

4: Babies Lossnijden

Sommige planten maken zelf nieuwe complete babies aan. 

Door deze voorzichtig los te snijden van de plant kun je ze door stekken meer ruimte geven om uit te groeien tot een volwaardige plant. 

 

Voorbeelden van planten die zelf babies aanmaken zijn:

    • Graslelie

    • Bananenplant

    • Pilea (pannekoekplant)

 
graslelie plant.jpg